Van 'de schoolarts'
Af en toe komen er ouders met de vraag of hun kind een klas kan overslaan. Dat ligt niet zo eenvoudig op de Vrije School waar de lesstof ontwikkelingsgericht is: aangepast aan de leeftijd en ontwikkelingsfase van een kind. En in een ontwikkeling kun je niet zomaar een jaar overslaan.
Zo kwam ooit Willem Jan naar mij toe, een 7e-klasser die na de zomervakantie naar de 9e wilde. Hij had drie jaar gekleuterd en was dus een “oude” leerling, vertelde hij.
Willem Jan was een levendige spring in het veld die zijn zaken zeer goed op een rijtje leek te hebben. Hij vertelde dat hij onrustig werd in de les en ging kletsen omdat de lesstof veel te makkelijk voor hem was. Daarom kon hij zijn aandacht niet bij de les houden. Een test had uitgewezen dat hij hoog begaafd zou zijn. Wat mij opviel was dat Willem Jan druk gesticuleerde en schopte onder tafel. Hij had tijdens het gesprek een levendige mimiek. Zijn gezicht toonde een duidelijke asymmetrie en hij praatte aan een stuk door. Zo vertelde hij over zijn wel- en niet- renderende aandelen en de computer waar hij al erg behendig mee omsprong. Hij dreef een soort handeltje in onderdelen en bood voor geld zijn diensten aan. Verder had hij nog tal van hobby’s en bezigheden zoals hockey, tennis, darten, stijldansen en zelf aangeleerd pianospel. Hij kwam als een echte kwikzilver op mij over.
Willem Jan zag er transparant uit. De huid bleek van teint maar wel gezond met een blos op de wangen. Het haar was springerig blond en de ogen waren sprankelend en blauw. De handen waren mollig en weinig doorvormd. De stem was al wat aan het zakken en bij het vlotte praten was er een lispeltje te horen.
Beide ouders kwamen langs om mij te overtuigen van de noodzaak een klas over te slaan. Willem Jan paste niet bij zijn klasgenoten. Hij stak met kop en schouders boven hen uit, zowel fysiek als qua verstandelijke vermogens. Hij kwam hier niet aan zijn trekken. Zijn twee oudere zusjes die op het gymnasium zaten, vonden ook dat het toenemend slechter ging met hun broertje dat te weinig uitdaging kreeg op school. Deze theorie had zich al helemaal vastgezet bij de ouders die hooggespannen verwachtingen hadden van hun zoon. Toch hadden ze vanwege de kunstzinnige vakken bewust gekozen voor de Vrij School.
De klassenleerkracht vertelde: “Ik ben de wanhoop nabij met Willem Jan in de klas. Hij toont druk en eigenzinnig gedrag en met zijn grote verbale vermogens overtroeft hij anderen. De vakken gaan hem allemaal zeer goed af maar de afwerking laat te wensen over om maar te zwijgen over de tekeningen in het schrift”.
Na lang beraad werd besloten dat hij een klas mocht overslaan.
Ongeveer een jaar later, aan het eind van de 9e klas kwam Willem Jan weer langs. Hij zat intussen op Malta, een huiswerkinstituut. Thuis had hij het te druk met allerlei andere zaken om nog aan zijn huiswerk toe te komen. Discipline was toch moeilijker dan hij dacht.
Willem Jan begon vast te lopen in zijn “mercuriale” kwaliteiten die zich te eenzijdig opdrongen. De handelaarsgeest hoort bij iemand als hij, maar ook het snelle en beweeglijke reageren op de buitenwereld zonder daar zelf in te ordenen. De innerlijke activiteit is daarvoor te zwak. Het bleek dat de oppervlakkige manier van werken en het moeilijk kunnen verbinden met de stof een groter probleem was geworden. Willem Jan werd opgeslokt door zijn handelsgeest en zijn enthousiasme daarvoor. Hij was te porren voor duizend en één bezigheden en hij was altijd in een paar leesboeken tegelijk bezig. Hij bleef optimistisch en luchthartig over school: “dat gaat allemaal wel lukken als ik eerst dit en dan dat nog even afmaak”, waren zijn opgewekte woorden. “Vanaf nu ga ik er echt voor”.
Met de mentor werd besproken om Willem Jan te stimuleren meer de verdieping in te gaan. Meer aandacht besteden aan het afmaken van de dingen, bij verschillende vakken waarnemingsoefeningen doen en de waarnemingen zorgvuldig beschrijven. Willem Jan kreeg kunstzinnige therapie met ook daar veel nadruk op waarnemingsoefeningen.
Moeder verzuchtte inmiddels ook: “Wat moet ik thuis doen om die jongen in het gareel te krijgen, hij kan nog geen vijf minuten achter elkaar zijn huiswerk doen of een boek lezen.” Zij zag in dat een klas overslaan niet had geholpen. “Eerst kletste hij in de les omdat het te makkelijk was, nu omdat hij het niet volgt en niet begrijpt”.
Ik besprak met haar dat het ook in het opvoeden goed zou zijn om te gaan ordenen en schrappen in alle activiteiten. “Welke mogelijkheden liggen er om in het dagelijks leven thuis aan verdieping te doen?”, vroegen wij ons af.
Neem aan tafel bijvoorbeeld ruim tijd voor de maaltijd en oefen goed proeven. Iedere keer een ander kruid in het eten en raden wat het is. Of: allebei hetzelfde boek lezen en erover praten. Desnoods samen TV kijken en over de inhoud een mening vormen. Proberen om de aandacht bij één onderwerp te houden.
Oftewel, ordening in de innerlijke zielechaos aanbrengen en… van het leven genieten met een kind als Willem Jan.
Eerste publicatie op 1 juli 2006